Hoekkeuken: hoge kasten in de hoek of op de wand?




Laat je dagelijkse beweging de keuze maken. Je looproute laat snel zien waar een blok hoge kasten je helpt (rust, alles bij elkaar) en waar het juist in de weg zit (deuren in je pad, een hoek die “vol” voelt). Een kastenblok kan je keuken overzichtelijker maken, zeker als voorraad en apparaten bij elkaar staan. Maar het werkt alleen lekker als je er niet telkens langs moet wringen of om openstaande deuren heen moet werken. In opstellingen zoals Hoekkeuken van DB Keukens zie je goed wat zo’n kastenwand doet met je zichtlijn en je route.

Begin bij je looproutes (en test ze even “in het echt”)

Een tekening kan logisch lijken, maar pas in het gebruik merk je of lades, deuren en loopruimte elkaar genoeg ruimte geven. Zeker als koken, opruimen en “even iets pakken” door elkaar lopen.

Maak het simpel: plak met schilderstape de frontlijn van je kasten op de vloer en loop je vaste rondje. Doe dat ook eens met “volle handen”: van koelkast naar spoelbak naar kookplaat. Trek daarna expres een lade uit en zet een vaatwasser open. Dan voel je meteen of de hoek te druk wordt. Herken je dit, dan vertelt de ruimte eigenlijk al dat het rustiger kan:
  • Je zet steeds een stap terug om een lade of deur fijn te openen
  • Je draait je heup of schouder weg om langs de hoek te komen
  • Je staat prettiger als er net wat meer ruimte is wanneer iemand langsloopt terwijl jij bij spoelbak of kookplaat staat
  • Je kiest vanzelf een andere snijplek dan de hoek, omdat je daar fijner staat of meer licht hebt
  • Je werkt liever niet om een open deur heen (bijvoorbeeld koelkast/vaatwasser)
    Waar je op uitkomt: een route zonder slalommen én één logische snijplek waar je prettig staat.

    Hoge kasten in de hoek: fijn voor een strakke kastenwand, minder fijn voor lucht en licht

    Zet je hoge kasten op één rechte wand (bijvoorbeeld aan het einde van de L), dan blijft de hoek vanzelf rustiger. Je werkblad kan beter doorlopen en je hebt sneller ruimte rondom lades en deuren.

    In dagelijks gebruik merk je dat vooral hieraan:
    • Je houdt makkelijker een voorbereidingsplek tussen spoelen en koken, zonder dat de hoek die plek opslokt
    • Deuren (koelkast/vaatwasser) zitten minder vaak in je looproute, omdat ze niet “in” de hoek open hoeven
    • Je kunt vaker blijven staan terwijl iemand anders langsloopt
      Een praktische keuze die vaak goed uitpakt: de hoek dicht laten (dode hoek) en ernaast brede lades plannen. Op papier lijkt dat minder ruimte, maar in gebruik levert het vaak meer op: pannen en voorraad die je direct bereikt, zonder gedoe.

      Signalen dat je indeling wringt (en wat meestal beter werkt)

      Je voelt het snel als een indeling net niet klopt: deuren die elkaar in de weg zitten, een werkblad dat in kleine stukjes uiteenvalt, of stopcontacten die in de hoek uitkomen waardoor snoeren onhandig liggen.

      Deze drie checks maken meestal meteen duidelijk waar het schuurt:
      • Draairichtingen: welke deur wil je open kunnen hebben terwijl jij erlangs loopt?
      • Werkvolgorde: blijft koelkast → spoelbak → kookplaat één logische beweging?
      • Werkplek: blijft er één duidelijk stuk werkblad over waar snijden en neerzetten vanzelf gaat?
        Stuur je daarop, dan valt de rest vaak vanzelf op z’n plek: liever een heldere werkplek en minder gedraai dan een hoek die op papier slim lijkt, maar in het dagelijks gebruik tegenwerkt.

        Bijpassende informatie en advies
        - Keuken irichten tips

        ________________________________________________________________________________________________